Wetenschap als religie

Leestijd: ongeveer 2 minuten

Markus Gabriel

Onlangs werd een interview van Markus Gabriel in de Volkskrant gepubliceerd dat veel ‘geestelijke stof’ deed opwaaien. Om gelijk maar kleur te bekennen: ik ben fan van Gabriel – en niet alleen omdat hij de zoveel mensen op de kast weet te jagen. Gabriel’s boeken zijn duidelijk, toegankelijk en origineel en hij krijgt het voor elkaar om het denken van Hegel, Kant en andere ‘moeilijke filosofen’ in een rock and roll sausje te gieten.

Korte tijd later verscheen er een stuk op de website the Post Online, waarin een medefilosoof snoeihard uithaalt naar Gabriel. Hij zegt zich te schamen “voor hedendaagse filosofen die duistere onzin uitkramen, zoals de Duitse filosoof Markus Gabriel.” De bron van zijn schaamte lijkt deze uitspraak van Gabriel in de Volkskrant te zijn:

“zolang wij religie vooral als bijgeloof zien en menen dat wij verder ontwikkeld zijn omdat we een wetenschappelijk wereldbeeld hebben, zijn wij echt degenen die blind zijn.”

Hoe moeten we deze uitspraak begrijpen, er van uitgaande dat de ‘jonge god van de continentale filosofie’ geen ongefundeerde uitspraken doet? Ik doe een poging tot uitleg:

Spiritualiteit

De existentiële filosoof Kierkegaard stelt ergens dat alle mensen lijden:

‘Anyone who really knows mankind might say that there is not one single living human being who does not despair a little.’

Volgens hem komt dit doordat de mens een spiritueel wezen is.

Hoezo spiritueel? Nou, ons zelfbewustzijn zorgt ervoor dat we ons bewust zijn van de tijdelijkheid van alles – ook van ons eigen leven. Geconfronteerd met deze angstige situatie, worden we gedwongen om onszelf tot het geheel waarin we ons bevinden te verhouden. Dit doen we door ons dingen af te vragen. Niet: ‘waar zijn mijn fietssleutels?’ of ‘Hoe kan ik zo snel mogelijk rijk worden? ‘, maar de grote, existentiële vragen als: ‘Waar komt de wereld eigenlijk vandaan?’ Deze vragenreeks eindigt uiteindelijk bij de allergrootste vraag: ‘Wat ben ik in het licht van de totaliteit, wat ben ik in de kosmos?’

Gabriel zijn uitspraak is gebaseerd op het feit dat onze wetenschap een dubbele functie heeft gekregen: niet langer dient deze als manier om door te dringen tot dat wat is, maar we hebben ook de illusie dat als we weten wát alles is, het ons ook duidelijk zou worden wáárom alles er is (kijk bijvoorbeeld naar de stroming ‘het nieuwe atheïsme).

Wetenschap als relgie

Plat gezegd: als we weten wat quarks zijn en hoe het heelal is ontstaan, zouden we ook weten hoe we als mensen zouden moeten leven. De filosoof Adorno stelde al in 1944 dat het wetenschappelijk wereldbeeld hiermee dezelfde functie gekregen heeft als de religie van vroeger. De wetenschap als mythe om onze plaats in de kosmos te bepalen.

Wetenschap is religie voor diegene die denken dat het ons naast kennis ook wijsheid gaan brengen. Het wordt tijd dat de nieuwe atheïsten zich realiseren dat hun wetenschap eigenlijk een manier is om spiritueel lijden op te heffen is – het CERN als nieuwe kerk.

In mijn volgend blog behandel ik het probleem van nieuw atheïsme: er komt geen ethiek uit voort.

Meer weten

De cultuurkritiek van Adorno, uitgelegd door Alain de Botton:

Lekker verder lezen:

3 Reacties

op Wetenschap als religie.
  1. Klaas
    |

    Vijf punten.

    1
    ‘De existentiële filosoof Kierkegaard stelt ergens dat alle mensen lijden.’
    Oneens. Ik lijd niet. Uitspraak is onwaar of minstens generaliserend.

    2
    ‘( … ) ons zelfbewustzijn zorgt ervoor dat we ons bewust zijn van de tijdelijkheid van alles – ook van ons eigen leven. Geconfronteerd met deze angstige situatie ( .. )’
    Hoezo is de situatie angstig? Het eerste wat wij erven, in het leven, is het sterven. Dat is juist een eenvoudige zekerheid. En dat kan heel goed een geruststellende en bevrijdende zekerheid zijn.

    3
    ‘worden we gedwongen ( … ) ons dingen af te vragen ( … ) de grote, existentiële vragen’
    We worden niet gedwongen, maar het is wel leuk om je met die vraag bezig te houden.
    Of de existentiële vragen ook direct ‘grote’ vragen zijn, kan je je afvragen. Ze lijken mij vooral groot voor diegenen die de mogelijk kleine antwoorden niet kunnen accepteren. Dat er dan, bij gebrek aan een ‘acceptabel’ antwoord, ‘obsessieve’ aandacht ontstaat maakt de vraag niet groter.

    4
    ‘wetenschap een dubbele functie heeft gekregen: niet langer dient deze als manier om door te dringen tot dat wat is, maar we hebben ook de illusie dat als we weten wát alles is, het ons ook duidelijk zou worden wáárom’
    “We hebben ook de illusie ( … ) het ons duidelijk zou worden wáárom”. Het antwoord op de WAAROM-vraag is niet de claim van de wetenschap. Het is wel de claim van religie/godsdienst. Alleen voor diegenen die de WAT-vraag vervangt door de WAAROM-vraag wordt wetenschap een vorm van religie (precies zoals Adorno zegt). Maar, nogmaals, die claim komt niet van de wetenschap en daarom is het geen (nieuwe) religie/godsdienst.

    5
    ‘het CERN als nieuwe kerk.’
    Het CERN is geen kerk. Het is een laboratorium waar men een deelvraag over de samenstelling van materie probeert te beantwoorden. Meer niet.
    Fraaie beeldspraak voegt niet altijd begrip toe.

    ‘In mijn volgend blog behandel ik het probleem van nieuw atheïsme: er komt geen ethiek uit voort.’ Leuk! Ik kijk er naar uit!

  2. |

    Dag Klaas,

    Bedankt voor je reactie. Aangezien filosofie bestaat bij de gratie van dialectiek (Hegel), verschaf ik mijzelf de vrijheid om nog even kort op je reactie te reageren:

    1) Laat ik beginnen te zeggen dat ik blij ben dat je niet lijdt. Als ik mij – zeer nederig – even in het denken van Kierkegaard mag verplaatsen: dit is niet mogelijk. In zijn boek ‘The Sickness Unto Death’ schrijft hij dat alle mensen lijden: “Anyone who really knows mankind might say that there is not one single living human being who does not despair a little, who does not secretly harbour an unrest, an inner strife, a disharmony, an anxiety about an unknown something or a something he dare not even try to know, an anxiety about some possibility in existence or an anxiety about himself.”

    Zijn opmerking verwijst dus niet naar een temporeel, contingent moment in ons bestaan, maar naar een diepere onrust – een onrust die volgens hem ontstaat op het moment dat iemand spiritueel volwassen wordt. Mocht je hierover verder willen lezen, hierbij de link naar een leuke, korte paper over de rol van lijden in Kierkegaard zijn denken: https://www.inter-disciplinary.net/wp-content/uploads/2011/10/faezehsufpaper.pdf

    2) Ik ben het volledig met je eens op dit punt, net zoals de grote Existentialisten. Bij mij rijst echter de vraag, of deze zelf-verhouding zonder lijden tot stand kan komen.

    4) Je schrijft: ‘Maar, nogmaals, die claim komt niet van de wetenschap en daarom is het geen (nieuwe) religie/godsdienst.’ Reactie: twee punten.
    Ten eerste, is er geen noodzakelijk verband tussen ‘het uitspreken van een claim’ en ‘iets als eigenschap hebben’. Ook zonder deze claim expliciet te hebben gemaakt – waarbij ik de vraag wie dit dan zou moeten doen even terzijde laat – kan ‘de wetenschap’ wel degelijk als godsdienst fungeren.

    Klein stukje geschiedenis: de reformatie heeft voor een omkering van het machtscentrum in de Noord-Europese godsbeleving gezorgd – de plaats van de biecht is ingenomen door een beroep op het geweten van subjecten. Het Protestantisme heeft er dus voor gezorgd dat het ‘onze eigen’ plicht werd om via zelfbeoordeling ons zelf tot God te verhouden. Deze zelfbeoordeling heeft mede geleidt tot onze culturele subjectiviteit: het is het individu dat via een reflexieve verhouding tot zichzelf zijn eigen waarheid creëert. Een systeem dat claims maakt op het wel of niet zijn van een godsdienst is dus niet noodzakelijk om een concept het predicaat ‘religieus’ mee te geven, aangezien het de subjectieve ervaring van mensen zelf is die dit predicaat produceert.

    Ten tweede: Max Weber schreef in zijn ‘Entzauberung der Welt’ over de onttovering die gepaard ging met het Verlichtingsdenken – de geheimzinnige, onberekenbare mythes die de mens hielpen de wereld verklaren werden vervangen door rationele benaderingen van deze wereld. Dit heeft ons veel gebracht, maar het heeft het belangrijkste doel van religie niet kunnen vervangen: het leven zin en betekenis geven.
    Ik citeer uit ‘paradoxen van modernisering’ (Van der Loo & Van Reijen): ‘De Verlichtingsdenkers hadden dit probleem ondervangen door de rationaliteit zelf als een geloofsartikel voor te stellen. Ter aanduiding van het onwrikbare geloof in het gezag van de wetenschap, spreekt men van het sciëntisme. Mensen die dit geloof waren toegedaan, vertrouwden erop dat de wetenschap niet alleen in staat was om de wetten van natuur, mens en samenleving te ontdekken en te doorgronden, maar dat men op basis van deze kennis ook in staat was het leven van de mensheid te verbeteren en het algehele geluk te bevorderen. In plaats van het geloof in religie kwam dus het geloof in vooruitgang.’ Geloof is religie, of het nu zonder Kerk en God is of met.

    Conclusie:

    5) Het CERN is voor velen dus meer als ‘een laboratorium waar men een deelvraag over de samenstelling van materie probeert te beantwoorden’. – namelijk, voor degene die denkt dat de kennis die hier wordt opgedaan ons kan helpen bij ‘het leven van de mensheid te verbeteren en het algehele geluk te bevorderen.’

    Het probleem hiermee bespreek ik in mijn volgende blog.

    Bedankt voor je reactie, kijk uit naar de volgende!

    Met zeer vriendelijke groet,

    George

  3. bart
    |

    is die volgende blog verschenen?

Roep maar raak!

Momentje...